Asiel & Migratie

dinsdag 26 november 2013
 - 

Nahima Lanjri, gastschrijver voor DS Avond

Tijdens de week van maandag 25 november tot en met vrijdag 29 november is Nahima Lanjri, federaal Kamerlid, gastschrijver voor DS Avond, de avondkrant van De Standaard. Haar opiniestukken verschijnen in de rubriek "De Mening". Wij bundelen ze voor uw leesgemak.

  

 

De Sint komt (niet)
vrijdag 29/11/2013

 

Hij komt, Hij komt, die lieve goede Sint…Hij komt dit weekend zonder twijfel bij heel wat gezinnen. In bijna één woning op drie zal de Sint echter over een lekkend dak lopen, of langs een rotte muur door de schoorsteen moeten dalen. En bij duizenden kinderen komt hij gewoon niet, Mijnheer Armoede heeft het schoentje weggenomen.

 

Het roetzwarte gezicht van Zwarte Piet stond enkele weken geleden bij een dame van de Verenigde Naties symbool voor belediging, ongelijkheid en racisme en moest dus verdwijnen. Als de VN geen belangrijker dossier meer kan vinden dan Zwarte Piet om discriminatie en racisme te duiden, is het daarmee goed gesteld...

 

Unicef één van de dochterorganisaties van de VN die zich bekommert om kinderrechten en kinderwelzijn zou beter het debat hebben gevoerd over Sinterklaas. De VN hadden daarmee kunnen aanklagen dat wereldwijd miljoenen kinderen nog in bittere miserie leven. Ook in de meer begoede westerse landen.  

 

Hoewel we één van de beste sociale zekerheidssystemen hebben, loopt bijna één kind op vijf in ons land het risico om in de armoede te verzeilen. Eén, twee, drie, vier, VIJF! Elk vijfde kind leeft in armoede. En denk vooral niet: niet in mijn omgeving.

 

Mijnheer Armoede is een sluipmoordenaar. Hij slaat bijzonder graag toe bij eenoudergezinnen, vooral bij alleenstaande moeders met kinderen. Het risico op armoede is bij een eenoudergezin liefst 38,5%. Voor de duidelijkheid, armoede is als alleenstaande met twee kinderen geen 1.600 euro per maand verdienen.  Als gezinshoofd leven van een miniumloon van 1.300 euro, een werkloosheidsvergoeding van 1.090 euro of een leefloon van 1.082 euro.

 

Mijnheer Armoede is een a-sociale killer. Wie geen middelen heeft, kan zichzelf geen vrijetijdsbesteding of verenigingsleven gunnen. Vergeet de muziekschool, voetbalclub of dansschool voor je kinderen, want een muziekinstrument, voetbaltenue of maillotje kosten geld.

 

Mijnheer Armoede is een gezondheidsvijand. Wie de eindjes niet aan mekaar kan knopen, eet minder, slecht, of niet. En wordt ongezond. Wie geen geld heeft, stelt zijn medische zorgen uit. Wie geen geld heeft, investeert minder in de ontwikkeling van zijn kinderen en van zichzelf, want overleven staat op de eerste plaats.

 

Mijnheer Armoede is een genadeloze vereffenaar. Vorig jaar werden in Vlaanderen 13.571 huurders uit hun huis gezet, omdat ze hun huishuur niet konden betalen. Dat zijn 261 gezinnen per week.

 

Ik heb hem als kind ook gekend, die Mijnheer Armoede. Ik heb geen honger geleden, maar de muziekschool,  de skiklassen in het 6de,  het nieuwste kleedje, de geneesheer-specialist voor iets wat toch moest worden onderzocht, ze waren er niet bij. Mijn ouders hadden het geld niet.

 

Sinterklaas vroeg bij zijn blijde intrede in Antwerpen aan zijn rechterhand Zwarte Piet of er dit jaar stoute kinderen zijn. Neen, Sint, er zijn geen stoute kinderen.  Er zijn helaaas alleen veel te veel arme kinderen.

 

 

Zullen we nog eens een BV inhuren?
donderdag 28/11/2013

Mijn echtgenoot Guy is gisteravond zwaar aangeslagen thuisgekomen na onheilsberichten over de gezondheid van zijn bejaarde dementerende moeder. Dit wordt voor hem en voor ons een verhaal van een veel grotere persoonlijke zorg en beroep doen op veel meer zorgverstrekkers dan de klassieke huisdokter. Het lot van een dierbare mept ons hier keihard. Ik voel aan den lijve waarom ik als politica zo zwaar inzet op een grotere zorgsamenleving.

 

De kwaliteit van een samenleving laat zich voor mij niet enkel meten in groeicijfers. Ik vind welzijn en de manier waarop we omgaan met zorg voor anderen een even belangrijke parameter.

 

Uit een onderzoek van VUB-professor Mark Elchardus, in opdracht van de Socialistische Mutualiteiten, bleek gisteren dat 83% van de respondenten tevreden is over onze gezondheidszorg en onze welvaartsstaat steunt. We hebben dan ook een van de beste welvaartsstelsels ter wereld en daar mogen we fier op zijn. Uit hetzelfde rapport blijkt evenwel ook  dat een meerderheid er ofwel aan twijfelt ofwel manifest van overtuigd is dat veel mensen met een uitkering profiteren van de sociale zekerheid. Ik krijg een hoogst onprettig gevoel als we hierover vervallen in veralgemeningen. We vinden het wel goed als die uitkering voor onszelf is – lees, we appreciëren de gezondheidszorg -  maar die buurman profiteert misschien wel een beetje veel van zijn sociale uitkering. Om onze sociale zekerheid betaalbaar te houden, moeten de misbruiken er uiteraard uit. En daaraan wordt hard gewerkt zo bv. door het sanctioneren van werklozen die werkonwillig zijn, zij verliezen hun uitkering.

 

Maar waar ligt het probleem eigenlijk? We leggen geen link meer tussen de bijdrage die we betalen, de uitkering die we daarvoor terugkrijgen en het systeem van de solidariteit dat erachter schuilt.   Onbekend is onbemind?  Laten we dan het sociale luik op onze loonbrief maar eens verduidelijken. Bijdragen en belastingen die men begrijpt, zorgen (misschien) voor wat meer begrip. Het geld van de sociale zekerheid komt immers niet uit een bankautomaat.

 

Of doe het anders. Plaats eens een Bekende Vlaming in de etalage van die sociale zekerheid. Ik lees de jongste twee dagen krantenkoppen over liefdadigheid van ons wielericoon Tom Boonen, ten voordele van kinderen met een hersenverlamming. Het is opvallend hoe tal van hulpverlenende organisaties de jongste jaren met sportieve evenementen en BV-boegbeelden uitpakken om de Vlaming tot begrip en financiële steun aan te zetten. Op zich een goede marketingtool, en als het een organisatie helpt : well done. Het baart me wel zorgen dat zo'n gepersonaliseerd initiatief wel ons hart raakt en ons aanzet tot solidariteit, maar dat diezelfde solidariteit die ingebakken zit in onze sociale zekerheid toch sterk gelinkt wordt aan profitariaat.

 

In een Antwerps ziekenhuis lijdt een bejaarde dame, omgeven door goede professionele en familiale zorgen. Ook dat is sociale zekerheid. 


Buurtman is mijn woord van het jaar
woensdag 27/11/2013

Selfie is één van de kanshebbers voor het woord van jaar. Een selfie ziet zichzelf graag, vooral met foto's op sociale netwerksites. Maar mag ik als woord van het jaar het woordje 'buurtman' (m/v) inbrengen?

Een buurtman/vrouw is iemand die zich echt volledig geeft voor het welzijn van zijn woonomgeving. Voilà, tot daar de officiêle omschrijving van het door mij ingebrachte woord, en nu over naar de praktijk om mijn favoriet woord te staven.

Afgelopen zondag ben ik naar een dansvoorstelling geweest in de kerk om mijn hoek. Ze werd georganiseerd door Bie en Ton, twee buren. Ze organiseren graag en zijn smaakmakers. Ze zijn de concrete invulling van het zogenaamde middenveld. Ze zijn buurtman/vrouw.

Teksten en uiteenzettingen over het middenveld en de rol van maatschappelijke organisaties worden vaak in een hoekje geduwd van saai, wollig, niet sexy. Het is maar hoe je maatschappelijke inzet en buurtwerk wil bekijken. Laat me vanuit mijn Borgerhout even een poging doen om die buurtmannen en -vrouwen ook eens op een podium te zetten.

Enkele andere voorbeelden. Nordin en zijnvrijwilligers steken via hun vereniging Al Ikram de handen uit de mouwen om kansarmen uit onze buurt op zeer concreet te helpen met o.m. begeleiding, voedselpakketten, cursussen, ... Twee andere buurtbewoners – het koppel Els en Johan – zijn er met hun wijkcomité Willibrordus in geslaagd om een vervallen en met sloop bedreigde grote sporthal om te toveren tot een florissant buurt- en sportcentrum Cortina. Elke dag volle sportzaal, elke week ambiance in het café, in exploitatie door het buurtcomité. En dan de klapper op de vuurpijl. Ene Paul Schyvens vond het enkele jaren geleden niet kunnen dat de oude cinemazaal Roma in Borgerhout wegrotte. Met honderden vrijwilligers hebben Paul en de zijnen van de Roma een cultuurtempel gemaakt,  en de uitbating blijft in grote mate draaien op die vrijwilligers. Stuk voor stuk knalprestaties, vooral omdat ze op hun beurt voor een enorme spin off aan buurtactiviteiten zorgen.

Ik las dit weekend de lokale pagina's van een krant, waar meester Jan De Man zijn bewondering voor JFK mocht etaleren. Hij verwees naar een slagzin van de vermoorde Amerikaanse president :

'One man can make a difference, everyone should try'. Dat geloof ik ook.

En wij als politiek bedrijf moeten zorgen dat we de regie in handen hebben. Niet meer, maar ook niet minder. Als politica voel ik me verantwoordelijk voor het creëren van het speelveld, het spel zelf moet door de (buurt)bewoners gespeeld worden. In elke straat zit talent. Hoe meer wij als politici ervoor zorgen dat dat talent 'goesting' heeft om iets te doen, hoe meer onze samenleving zal bloeien.

Hebt u in mijn inleiding gelezen dat de activiteit van afgelopen zondag plaatsvond in een kerk? De Sint-Willibrorduskerk is een beschermd monument, ooit bomvol tijdens kerkdiensten. Nu op zondag naast de misvieringen ook een fijne zaal voor mensen die samen genieten. Een buurtkerk.

---

Moet het van eigen kweek zijn?

dinsdag 26/11/2013


Samen met bijna anderhalf miljoen andere Vlamingen kijk ik vanavond op Eén naar de absolute televisietopper Eigen Kweek. En ze is zo schattig, zo lief mijnheer, die Filipijnse Julita. En oh wat zijn we gecharmeerd door het aparte Engels van haar partner Frank.

Vinden we migranten enkel fijn als ze, zoals Julita,  in een leuke verpakking van een herkenbare West-Vlaamse landbouwersfamilie zitten? Willen we voor de rest enkel mensen rondom ons van eigen kweek? Hoe moest ik deze ochtend anders drie verschillende nieuwsberichten interpreteren? Eén. 45% van de Vlamingen wil alleen mensen van Belgische herkomst in de buurt. Twee. De Turkse Vlamingen, hogeropgeleiden dan, trekken terug naar hun 'thuisland' – ja tussen aanhalingstekens – omdat ze zich hier niet aanvaard voelen en gediscrimineerd op de arbeidsmarkt. Drie. De VDAB trekt naar Griekenland om nieuwe arbeidskrachten te zoeken.

Zal ik eens een ontluisterend cijfer geven? Voor participatie van migranten op de werkvloer van onze bedrijven staat België op de 27e plaats in de Europese Unie. Dat is – voor alle duidelijkheid – de allerlaatste plek. Zakken kan dus niet meer. In het belang van de allochtoon én in het belang van onze sociale zekerheid moeten we dus beter gaan doen en moet ook de “allochtoon” volwaardig aan het werk.

Willen we meer mensen aan het werk, dan moeten we écht gaan voor meer kleur op de arbeidsvloer en weg van het vrijblijvende. Ik ben geen voorstander van kleur om de kleur. Neen, de “allochtoon” wil en moet aangesproken worden op zijn kunnen. Daarom pleit ik fors voor 'slimme streefcijfers' voor allochtonen die specifiek worden aangepast aan de verschillen die er ook zijn in sectoren, regio's, gemeenten,...  Discriminatie en racisme is nog in hoge mate aanwezig in het aanwervingsbeleid, zelfs als die allochtone Vlaming het juiste diploma heeft. Dat moet dus anders.

Ik erken, het mag geen eenrichtingsverkeer zijn. Ook langs de kant van de allochtoon mag een serieuze inspanning verwacht worden.  Voor nieuwkomers betekent dat taal en inburgering. 112.000 nieuwkomers uit Europa en daarbuiten volgden vorig jaar zo’n cursus.

Maar ook migranten van eigen kweek, zij die hier geboren en getogen zijn,  moeten beseffen dat een diploma geen absolute garanties geeft, maar de kansen op de arbeidsmarkt aanzienlijk vergroot. We dweilen met de kraan open als we hele generaties (allochtone en Vlaamse) jongeren laten afstuderen zonder diploma. In Antwerpen is dat op dit ogenblik bijna één jongere op drie. Ze zijn vogels voor de kat van de werkloosheid. Dat besef mag nu écht wel doordringen, bij de ouders en in het onderwijs.

Volgend jaar vieren we in België met een reeks feestelijkheden 50 jaar Marokkaanse en Turkse migratie. Toen werden gastarbeiders  via folders gelokt met aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden. Ook mijn vader is daarop ingegaan. En precies met dat werk loopt het nu mis. Laat ons dat aanpakken, anders hebben we weinig reden tot feesten. 

---

Zou ik niet beter een zwart lintje dragen?

maandag 25/11/2013


Ik draag vandaag een 'wit lintje' op mijn winterjas. Wit als kleur van de onschuld, als kleur van de hoop. Het is vandaag 25 november. Een datum die in 1991 werd uitgeroepen tot Internationale Dag tegen geweld tegen vrouwen. Elk jaar voer ik samen met andere vrouwen actie en delen we witte lintjes uit aan stations en op markten. Ik had misschien beter een zwart lintje gedragen.

 

Een zwart lintje, omdat mensen dan mogelijk zouden gevraagd hebben of ik in rouw ben. En als vrouw heb ik reden om in rouw te zijn, want het geweld tegen vrouwen blijft schrikbarend hoog. Moeten we misschien eens een reclamebureau onder de arm nemen voor een veel meer schockerende campagne om iedereen wakker te schudden?

 

De feiten, of tenminste de gekende feiten. Jaarlijks worden in ons land meer dan 3.400 vrouwen slachtoffer van een verkrachting. Dat is liefst negen per dag. En nu komt het: slechts 14% van de daders wordt effectief veroordeeld. Liefst 55% van de klachten wordt geseponeerd wegens onvoldoende bewijsvoering, en zelfs 2 op de 3 DNA-stalen in een verkrachtingszaak wordt niet eens geanalyseerd.

 

Is dat dan niet ernstig genoeg voor Justitie? Dat kan ik me niet voorstellen. Maar het ontbreekt wel duidelijk aan een beleid van prioriteiten. Significant in dat opzicht is dat eerder dit jaar een reeks dokters van het UZ Gent nog een open brief aan drie ministers stuurden met de dringende vraag meer aandacht te besteden aan verkrachtingsslachtoffers en daders te verplichten een hiv-test te ondergaan.

 

Toch gebeurt er iets. Zowel op het terrein als op politiek niveau zien we waardevolle realisaties. Vandaag nog vroeg minister Milquet via een omzendbrief aan alle korpschefs om beter om te gaan met vrouwen die slachtoffer zijn van geweld. Maar er blijven nog teveel gaten in het netwerk tegen verkrachters. In de rechtbank moet trouwens vastgesteld worden dat de strafmaten zeer uiteenlopend zijn, en meestal tegen de minimumstraf aanschurken. Het is een kwestie van willen.

 

Kunnen we dan over tot de orde van de dag als we een eenduidige aanpak van verkrachtingen zouden hebben? Verre van, dat zou pas de ogen sluiten zijn voor de realiteit. Dagelijks melden zich niet zonder reden 122 slachtoffers, waarvan 85 % vrouwen in een politiekantoor omdat ze slaag hebben gekregen van hun partner of vluchten voor psychisch geweld, intimidatie of economisch geweld. Kent u geen vrouwen in uw familie- of vriendenkring die niet mogen werken of carrière maken, die niet aan de centen van het gezinsbudget mogen komen, die hun alimentatiegeld niet krijgen,... Overigens, die meer dan 100 vrouwen per dag zijn enkel vrouwen die de stap durven zetten tot bij de politie. Vele anderen zwijgen uit angst.