Welzijn & Gezondheid

dinsdag 08 november 2016
 - 

Goed gekoppeld? Koppels in woonzorgcentra - #IEDEREENTHUIS

Het leven in partnerschap draagt in belangrijke mate bij tot geluk. Dat geldt niet alleen voor jong, ook voor oud. Alleen is het voor bejaarde koppels waarvan één partner zwaar zorgbehoevend wordt niet evident om samen te blijven. Onze regelgeving laat immers niet toe dat de niet-zorgbehoevende partner mee intrekt in het woonzorgcentrum. Vlaams volksvertegenwoordiger Sonja Claes legde eerder al een conceptnota neer met voorstellen om hieraan te verhelpen. Na bespreking in het Vlaams Parlement resulteerde die uiteindelijk in een voorstel van decreet. Dat wordt op dinsdag 8 november in de commissie welzijn van het Vlaams Parlement goedgekeurd. Sonja Claes: “Alles is klaar om ervoor te zorgen dat seniorenkoppels samen kunnen blijven, ook wanneer ze zwaar zorgbehoevend worden.” 

Door de stijging van de gezonde levensverwachting en de steeds uitgebreidere en adequatere thuiszorg, kunnen ouderen steeds langer als koppel blijven samen leven. Tot één van de partners te zwaar zorgbehoevend wordt. Op dat moment dreigt het hoogbejaarde koppel feitelijk gescheiden te worden. De zorgbehoevende verhuist immers naar een woonzorgcentrum (WZC), terwijl de andere thuis achter blijft. Onze woonzorgcentra mogen immers geen partners opnemen buiten de erkende capaciteit.

Woonzorgcentra die op eigen initiatief toch in de mogelijkheid voorzien om ook de zelfredzame partner op te nemen, krijgen daarvoor geen RIZIV-financiering.

Op zich niet onlogisch, maar het zorgt ervoor dat ons zorgsysteem de gezamenlijke opname van (hoog)bejaarde koppels niet evident, tot vaak zelfs onmogelijk maakt. 

Voor sommige koppels is dat een mentale opdoffer. Het vooruitzicht niet meer te kunnen samenleven zorgt er dan voor dat de keuze voor goede zorg wordt uitgesteld. 

In die optiek is het volledige en vaak noodgedwongen wegvallen van de mantelzorg door de zelfredzame partner bij (hoog)bejaarde koppels niet verdedigbaar, en schaadt dit het ‘recht op gezinsleven’, iets waaraan CD&V bijzonder hecht. 

Het maakte dat Sonja Claes de wettelijke mogelijkheid wilde creëren om een relatief zelfredzame partner van een zorgbehoevende bewoner toch te kunnen opnemen bovenop het erkende aantal woongelegenheden. Hieraan zouden volgende voorwaarden kunnen worden gekoppeld:

  • deze partner betaalt enkel de zogenaamde ‘hotelkost’;

  • deze partner maakt zelf niet op regelmatige basis gebruik van de aanwezige zorgomkadering;

  • deze partner wordt niet meegerekend voor de bepaling van de personeelsomkadering volgens de normering;

  • voor deze partner ontvangt het woonzorgcentrum geen publieke financiering.

 

Samen met collega-parlementsleden Katrien Schryvers, Cindy Franssen, Karin Brouwers en Griet Coppé, bevroeg Claes al in 2013 alle woonzorgcentra in Vlaanderen omtrent deze specifieke nood. Aan de woonzorgcentra werd de vraag gesteld hoe zij tegenover deze piste stonden en of zij desgevallend hiervan gebruik zouden maken. 

239 van de 748 woonzorgcentra in Vlaanderen (of 31.95% van het totaal aantal woonzorgcentra) namen deel aan de bevraging1.

Meer dan de helft van de WZC stonden positief tot zeer positief tegenover de voorgestelde oplossing. 

Sonja Claes: “De nood is er. Het draagvlak is er. Minister Vandeurzen is vragende partij. Niets staat een aanpassing van de regelgeving nog in de weg. Voortaan zullen bejaarde koppels ook wanneer één van de partners naar het woonzorgcentrum moet verhuizen samen kunnen blijven wonen.” 

 

Hans KNOP

Persverantwoordelijke CD&V-fractie | Vlaams Parlement - 1011 Brussel

T 02 552 43 28 | F 02 552 44 46 | M 0495 25 29 99 | E hans.knop@vlaamsparlement.be

1 ENQUÊTERESULTATEN 2013

 

PROVINCIE

aantal woonzorgcentra-respondenten

aantal erkende woonzorgcentra in het Vlaams Gewest op

1 januari 2012[1]

Responsratio (%)

Antwerpen

69

197

35,03%

Limburg

32

84

38,10%

Oost-Vlaanderen

57

186

30,65%

Vlaams-Brabant

31

123

25,20%

West-Vlaanderen

50

158

31,65%

Totaal

239

748

31,95%

 

  1. In de bevraagde woonzorgcentra zijn 7,53% van de bewoners koppels. Het gaat om 910 koppels of 1.820 personen op de 24.176 erkende woongelegenheden van de respondenten. Geëxtrapoleerd naar Vlaanderen gaat het om 2.590 koppels (5.180 mensen) op een totale erkende capaciteit van 68.809 woongelegenheden.

     

  2. 1.526 bewoners (op 24.176) hebben nog een partner die elders verblijft (veelal in de thuissituatie). 149 van hen zijn vragende partij voor opname van deze partner. Dat is ongeveer 10%.

Verhoudingsgewijs betekent dit voor Vlaanderen dat 4.343 bewoners, elders nog een partner hebben, wat zou betekenen dat 424 mensen de vraag stellen naar gezamenlijke opname.

 

  1. In totaal zijn er 2.842 koppels (of 5.685 personen) die op de wachtlijst van de bevraagde woonzorgcentra geregistreerd staan. Dit is 19,67% van de totale wachtlijstpopulatie van de bevraagde rusthuizen (5.684/28.895). Aangezien de meeste mensen zich op gemiddeld 3 wachtlijsten inschrijven, kan ervan worden uitgegaan dat het aantal uniek wachtenden in Vlaanderen van dezelfde grootteorde is. 

    Er werd een onderscheid gemaakt tussen preventieve registraties en dringende registraties. 22,7% (647/2.842) van de koppels vragen om een dringende opname.  De overige vragen zijn preventieve vragen om opname.

     

  2. De respondent-woonzorgcentra geven aan dat zij in totaliteit 3.069 kamers ter beschikking hebben die geschikt zijn voor de opvang van een koppel (op een totaal van 21.540 kamers is dit 14,2% van de kamers). De kamers geschikt voor de opvang van een koppel zijn telkens minimaal 28m² groot.

    Het is echter een foute veronderstelling dat enkel gekoppelde kamers of tweepersoonskamers geschikt zijn voor de opvang van koppels. Soms is het een bewuste keuze van het woonzorgcentrum en/of de bewoners om in individuele kamers opgevangen te worden.

     

  3. Van de 239 bevraagde respondenten hanteren 111 woonzorgcentra een speciale prijs voor koppels. Dit is 46,44%. De meeste woonzorgcentra zijn dan ook bewust bezig met deze problematiek.

    De gemiddelde dagprijs bij opname in een éénpersoonskamer, tweepersoonskamer of gekoppelde kamer bedraagt respectievelijk 50,33 euro, 44,18 euro en 43,62 euro. In geval van opname van een koppel bedraagt de gemiddelde dagprijs per persoon 39,41 euro. Dit komt neer op een korting van respectievelijk 10,92 euro, van 4,77 of van 4,21 euro per persoon per dag.

     

  4. Zeker in het geval van koppels worden lage zorgprofielen (O/A-profiel) wél opgenomen.

    Voor 1.468 bewoners die deel uitmaken van een koppel in een woonzorgcentrum werd aangegeven wat het zorgprofiel is. Van al deze bewoners heeft 35,08% een lichter zorgprofiel (O of A). Het meest voorkomende zorgprofiel is zorgprofiel B (30,31%). De overige zwaarste zorgprofielen (C, Cc en Cd) zijn in zijn totaliteit goed voor 34,61% van de koppels opgenomen in de steekproef.

     

  5. 51% van de respondenten staat positief tot zeer positief tegenover het voorstel. Rekening houdend met de 23% die zich eerder neutraal opstellen, betekent dit een ruim draagvlak voor het CD&V-voorstel.

 

 

 

 




[1] Meest recente gegevens beschikbaar op www.zorg-en-gezondheid.be.