Actua

zaterdag 19 november 2016
 - 

HOGE ENERGIE-EISEN MOGEN NIET LEIDEN TOT INKRIMPEN HUURMARKT OF STIJGING HUURPRIJZEN

Omwille van de opgelegde energienormen bericht de koepelorganisatie van verhuurders dat de huurprijzen de komende jaren met 10% zullen stijgen. Voor Vlaams parlementsleden Valerie Taeldeman, An Christiaens en Katrien Partyka kan dat niet de bedoeling zijn: “Vlaanderen voorziet in heel wat premies om de opwaardering van het huurpatrimonium mogelijk te maken zonder stijging van de huurprijs. Als dat nog onvoldoende is, moeten we het ondersteuningsinstrumentarium evalueren.”

Veel mensen komen niet in aanmerking voor een sociale woning, maar beschikken ook niet over de middelen om een woning te kopen. Daarbij kiezen meer en meer mensen er bewust voor niet te kopen of te bouwen.

Zij zijn aangewezen op de private huurmarkt, maar die staat onder druk. Het aanbod is te beperkt, en het huurpatrimonium is sterk verouderd.

Omwille van dat laatste is een inspanning nodig om huurwoningen energie-efficiënter te maken. Vlaanderen stelt immers voorop dat de dakisolatienorm tegen 2020 en de glasnorm tegen 2023 gehaald moet worden.

Om te vermijden dat de verhuurder wordt afgeschrikt door de investeringen die daarmee gepaard gaan, of de kosten verhaalt via de huurprijs, voorziet Vlaanderen tal van ruime energiepremies waarvan de verhuurder gebruik kan maken om de vooropgestelde normen te halen. Die premies zijn zelfs hoger in geval de huurder kwetsbaar is.

Zowel de huurder als de verhuurder winnen hierbij. De woning wordt duurzaam opgewaardeerd, en de genomen maatregelen zorgen voor een lagere energiefactuur voor de huurder.

Er is ook nog de mogelijkheid om renovatieovereenkomsten af te sluiten waarin huurder en verhuurder een lagere huurprijs afspreken voor de periode waarin de huurder energiebesparende ingrepen zelf uitvoert.

Op vraag van CD&V onderzoekt de Vlaamse Regering bovendien om de renovatiepremie in de toekomst ook toe te kennen aan verhuurders.

Steeds met hetzelfde dubbele doel: de opwaardering van het huurpatrimonium (1) zonder de verhuurder af te schrikken én (2) zonder de huurprijzen op te drijven.  

Taeldeman, Christiaens en Partyka zijn duidelijk: “Indien blijkt dat deze ondersteuningsinstrumenten niet volstaan om de verhuurder toe te laten de kwaliteit en energie-efficiëntie van zijn huurwoning te verhogen zonder de huurprijs op te trekken, moeten we hierover het debat  voeren. We kunnen het ons niet permitteren dat de huurder nog kwetsbaarder wordt, noch dat de huurmarkt verder inkrimpt.”